28.03.15

RUDOLF SCHOCK sings 'VON APFELBLÜTEN EINEN KRANZ by Lehár/Bethge 'IM FRÜHLINGSGARTEN' by Ebert/Bethge

Rudolf Schock singt nach 3 Minuten und 13 Sekunden:
'Von Apfelblüten einen Kranz' 
(Musik: Franz Lehár, Text: Hans Bethge!).

Davor singt Rudolf Schock 'Im Frühlingsgarten'  
(Musik: Hans Ebert, Text: Hans Bethge!).



Zwei Lieder verschiedener Komponisten also, aber desselben Textdichters!

Bitte, klicken Sie folgenden LINK zu meinem Blogartikel aus dem Jahre 2010 an:
"Rudolf Schock singt Hans Ebert/Hans Bethge"


Damals konnte ich noch wenig über den Komponisten und Dirigenten Hans Ebert (1889-1952) erzählen.
Das hat sich aber geändert. Neulich habe ich den Artikel denn auch neu bearbeitet.

Über den Schriftsteller und Dichter Hans Bethge (1876-1946) hatte ich 2010 mehr zu berichten, worunter die für viele überraschende Tatsache, dass Franz Lehár (1870-1948) ein Gedicht Bethges ('Birnbaumblüten') vertonte und in seiner Operette 'Das Land des Lächelns' aufnahm.

Die 'Birnbaumblüten' wurden zu 'Apfelbaumblüten' und Prinz Sou Chongs 'Von Apfelblüten einen Kranz' zu einem der drei grossen Lehár/Tauber-Erfolge aus dieser "tragischen Operette": Von Apfelblüten einen Kranz'!

Rudolf Schock als Sou Chong






















Rudolf Schock sang zwischen 1938 und 1973 die Rolle des chinesischen Prinzen Sou Chongs in 'Das Land des Lächelns' u.a. in Berlin, Wien und den Beneluxstaaten in mindestens 20 verschiedenen Vorstellungen.
Im Jahre 1962 erlebten die Amerikaner ihn in New York (Carnegie Hall) in einer konzertanten Ausführung mit Anneliese Rothenberger als Lisa.

Auf Schallplatte und CD kann man 'Von 'Apfelblüten einen Kranz' viele Male hören. 
Es gibt Aufzeichnungen u.a. aus 1952. 1954, 1955, 1957, 1958(live), 1965 und 1972(live).
Für YouTube wählte ich die Hamburger Rundfunk-Aufnahme aus 1952 unter Wilhelm Stephan, weil diese weniger bekannt ist.
Was in allen Aufnahmen - von 1952 bis live in Augsburg 1972 - auffällt, ist die hohe und konstante Qualität von Rudolf Schocks Charakterisierung.

Sou Chong schildert der verwöhnten, europäischen Lisa in diesem Lied ausführlich dar, wie in China ein Mann einer Frau den Hof macht.

Die 1. Strophe singt Schock - trotz der Ich-Form - relativ zurückhaltend, was zum Lebensmotto Sou Chongs "immer nur lächeln" im Auftrittslied passt: "wie es (ja) da drinnen aussieht, geht, geht niemand was an".

In der 2. Strophe, die betont mit "Du" anfängt, droht der schon ernsthaft verliebte Sou Chong jedoch von Leidenschaft - Begehren sogar - hingerissen zu werden.
Erst beim Wort 'd e m u t s v o l l' findet er sich hörbar wieder.

In der Schlußstrophe stellt Sou Chong wieder die Selbstbeherrschung zur Schau. Er schliesst das Lied mit träumerisch schwebendem Falsett-Ton ab, wodurch man die mondstille Nacht körperlich empfindet. In einem solchen Augenblick ist Falsett das vokal ideale Instrument, eine(n) zu rühren.


















'Im Frühlingsgarten'

Die chinesischen Verse - worunter 'Im Frühlingsgarten' - , die Hans Bethge bearbeitete, stammen aus der Periode der Tang-Dynastie, die nahezu unabgebrochen von 618 bis 907 dauerte und als ein Höhepunkt in der chnesischen Kultur gilt.
Während der Dynastie erlebten die Künste eine ungeheure Blüte. Einer ihrer legendären Vertreter war der Dichter Li-Bai, der von 701 bis 762 lebte.
Li-Bai schrieb viele Gedichte, die zusammen mit Poesie einer Anzahl von Zeitgenossen Hans Bethge in die Hände geraten waren. Dieser setzte sich an eine umfangreiche, deutsche Neudichtung, wobei ihm vor allem der Gedichtband 'Die chinesische Flöte' viel Ehre machte.

Inhalt 'Im Frühlingsgarten':


















In seinem Frühlingsgarten besingt ein überglücklicher Li-Bai  die Blüten, die ihn umgeben und zum Dichter gemacht haben. Er ist sicher: wenn sie schon längst vergangen sind, werden sie noch immer in der Seele des Dichters blühen. 

Rudolf Schock nahm 1951 für den Berliner RIAS (Rundfunk im amerikanischen Sektor) fünf chinesische Gesänge von Ebert/Li-Bai/Bethge auf.
Er wurde am Klavier von Herbert Heinemann begleitet, der Konzertpianist, aber auch Leiter eines Tanzorchesters war.

Herbert Heinemann
am Klavier












Im Jahre 2005 brachte das RELIEF-Label (auf CR 3001) die chinesischen Lieder zum ersten Mal auf den Markt: fünf uralte, bilderreiche Gesänge in eindrucksvoller Darstellung!

Krijn de Lege, 28.3.2015/13.10.2020   

RUDOLF SCHOCK sings 'VON APFELBLÜTEN EINEN KRANZ by Lehár/Bethge & 'IM FRÜHLINGSGARTEN' by Ebert/Bethge


Rudolf Schock zingt na 3 minuten en 13 seconden:

'Von Apfelblüten einen Kranz'
(muziek: Franz Lehár, tekst: Hans Bethge!)

Daarvoor zingt Rudolf Schock:
'Im Frühlingsgarten' 
(muziek: Hans Ebert, tekst: Hans Bethge!)

TWEE LIEDEREN van verschillende componisten, maar van dezelfde tekstschrijver!!

Zie mijn blogartikel uit 2010 via de volgende LINK:
"Rudolf Schock zingt Hans Ebert/Hans Bethge"


In dat blogartikel kon ik nog weinig vertellen over de componist en dirigent Hans Ebert (1889-1952). Maar dat is veranderd en inmiddels heb ik het artikel aangepast.
Over de schrijver en dichter Hans Bethge (1876-1946) had ik destijds meer te melden, waaronder het voor menigeen verrassende feit, dat Franz Lehár (1870-1948) een gedicht van Bethge ('Birnbaumblüten = perenboombloesem') op muziek had gezet en opnam in zijn  operette 'Das Land des Lächelns'.

Von Apfelblüten einen Kranz':
De perenbloesem veranderde in appelbloesem en prins Sou Chong's
'Von Apfelblüten einen Kranz' groeide uit tot één van Lehár's drie grote Richard Tauber-successen uit deze "tragische operette".

Rudolf Schock als Sou Chong





















Rudolf Schock zong tussen 1938 en 1973 de rol van de Chinese prins Sou Chong in Lehár's 'Das Land des Lächelns' o.a. in Berlijn, Wenen en de Beneluxlanden in minstens 20 verschillende voorstellingen.
In 1962 trad hij op te New York (Carnegie Hall) in een concertante voorstelling  met Anneliese Rothenberger als Lisa.

Op grammofoonplaat en CD  is zijn uitvoering van 'Von Apfelblüten einen Kranz' vele malen te beluisteren.
Er bestaan o.a. opnamen uit 1952, 1954, 1955, 1957,1958(live), 1965 en 1972 (live). 
Voor mijn link heb ik de minder bekende Hamburgse radio-opname uit 1952 gekozen onder dirigent Wilhelm Stephan.  

Wat in alle opnamen opvalt - van 1952 tot live in Augsburg 1972 - is de hoge en constante kwaliteit van Rudolf Schock's voordracht.
Sou Chong legt in dit lied aan de verwende Europese Lisa uit, hoe in China een man een vrouw het hof maakt.
De eerste strofe zingt Schock - ondanks de ik-vorm - met de afstandelijkheid, die past bij Sou Chongs 'immer nur lächeln (steeds maar glimlachen)' uit het openingslied, want "Wie es da drinnen aussieht, geht niemand was an (Hoe het daar van binnen uitziet, gaat niemand wat aan)".
Maar in de tweede strofe wordt de hevig verliefde Sou Chong alsnog
door hartstocht, ja zelfs begeerte overmand om zich tenslotte in het woord "d e m u t s v o l l (deemoedsvol)" terug te vinden en zijn zelfbeheersing te herwinnen.
In de derde strofe is Sou Chong weer de rust zelve en sluit hij het lied af met een dromerig zwevende falsetklank, waardoor je de maanstille nacht lijfelijk ondervindt. Op zo'n moment is falset het vocaal ideale instrument om te ontroeren.

















Im Frühlingsgarten'
De Chinese verzen, waarvan 'Im Frühlingsgarten' deel uit maakt en die Hans Bethge bewerkte, stammen uit de periode van de Tang-dynastie, die vrijwel onafgebroken van 618 tot 907 duurde en als een hoogtepunt van de Chinese cultuur geldt.
Tijdens die dynastie beleefden de kunsten een grote bloei en één van haar legendarische vertegenwoordigers was de dichter Li-Bai, die leefde van 701 tot 762.
Li-Bai schreef vele gedichten, die samen met poëzie van een aantal tijdgenoten in handen kwamen van Hans Bethge. Deze begon aan een omvangrijke Duitse 'hertaling', waarbij hij vooral veel eer inlegde met de door hem gekozen Chinese lyriek voor zijn bloemlezing 'Die chinesische Flöte'.

Inhoud 'Im Frühlingsgarten':


















In zijn 'Frühlingsgarten (lentetuin)' bezingt een overgelukkige Li-Bai de bloemen, die hem omringen en die hem tot dichter hebben gemaakt. Hij weet zeker: als ze zijn vergaan, zullen ze voor altijd in zijn ziel blijven bloeien.

Rudolf Schock nam in 1951 voor de Berlinse RIAS (Rundfunk im amerikanischen Sektor) vijf Chinese liederen van Ebert/Li-Bai/Bethge op.
Hij werd aan de piano begeleid door Herbert Heinemann, die concertpianist, maar ook leider van een dansorkest was.

Herbert Heinemann
aan de piano












In 2005 bracht het RELIEF-label de Chinese liederen voor het eerst op de markt (CR 3001): vijf beeldrijke liederen in indrukwekkende uitvoering!

Krijn de Lege, 28.3.2015/13.10.2020                    

24.01.15

100. GEBURTSTAG RUDOLF SCHOCK: Meine 'Einsame Insel'- Liste Ebbe Føge Bak

4.9.2015: 100th BIRTHDAY RUDOLF SCHOCK






Mit Dank an Herrn EBBE FØGE BAK aus Dänemark (Kopenhagen) veröffentliche ich SEINE 25 Favoriten! Er schreibt:

"Hier ist meine Liste mit 25 Lieblingsaufnahmen mit Rudolf Schock!
Es gibt so viele wunderbare Aufnahmen mit Schock.
Diese aber sind für mich wunderschön. 

Die Aufnahmen aus 'Manon Lescaut' und 'Les Pêcheurs de Perles' sind einige von den schönsten Opernaufnahmen mit Schock, die ich je gehört habe.

Das Lied 'An die Leier' von Schubert habe ich viele Male gehört und ist immer wieder wunderbar.
 
Einige von den Aufnahmen sind noch nicht veröffentlicht worden, aber ich hoffe, dass zum Beispiel die Gesamtaufnahme von 'Manon Lescaut' (Wien 1956) einmal veröffentlicht wird!"
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

Oper:
 
  1. Wie eiskalt ist dies Händchen (Puccini La Boheme - Schock live Berlin 1946)
  2. O du süssestes Mädchen (Puccini La Boheme - Schock/Ekkehard Berlin live 1946)
  3. 4th act, duet: Ach, Geliebte, sieh' meine Tränen (Puccini Manon Lescaut - Schock/Martinis live Wiener Staatsoper 1956)
  4. Freunde vernehmet die Geschichte (Adam Der Postillon von Longjumeau - Schock 1955)
  5. Der Tempel Brahmas strahlt (Bizet Die Perlenfischer - Schock/Metternich 1957)
  6. Zu Strassburg auf der Schanz (Kienzl Der Kuhreigen - Schock 1955)
  7. Jetzt spielen - Hüll dich in Tand nur (Leoncavallo Der Bajazzo - Schock live Braunschweig 1966)
  8. Armida die spietate - Lascia ch'io pianga (Händel Rinaldo - Schock 1966)
  9. Es war einmal am Hofe von Eisenach (Offenbach Hoffmanns Erzählungen - Schock live 1960)
  10. Wohin seid ihr entschwunden (Tschaikowsky Eugen Onegin - Schock 1952)
  11. Winterstürme wichen dem Wonnemond (Wagner Die Walküre - Schock 1978)
 

 Musical/Operette:
 



 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
   
 
12. Maria (Bernstein West Side Story - Schock 1971)
13. Ein Walzer muss es sein (Fall Die Rose von Stambul -
       Schock/Hallstein live 1963)
14. O Bajadere (Kálmán Die Bajadere - Schock 1965)
15. You are love (Kern Showboat - Schock/Moffo 1971)
16. Ich träume mit offenen Augen (Künneke Die lockende Flamme -
       Schock live 1960) 
17. Du bist meine Sonne (Lehár Giuditta - Schock live München 1959)
18. Auf dem Berge Ida (Offenbach Die schöne Helena - Schock 1955)
 
Lieder:
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
  
19.  An die Leier "Ich will von Atreus Söhnen" (Schubert - Schock 1959    
        Stauch)
20. Erlkönig "Wer reitet so spät..." (Schubert - Schock 1968 Eröd)
21.  Zueignung "Ja du weisst es, teure Seele" (R.Strauss - Schock 1957
        cond. Schüchter) 
22. "Ach, wie ist's möglich dann" (Volkslied - Schock 1965
         cond. Eisbrenner) 
23. Always (I. Berlin - Schock 1949 conductor: Wreege)
24. Ich liebe die Welt (Stolz - Schock 1967 conductor Stolz)
25. "Rudolf Schock & his songs" (various composers - Schock live 1958
         cond. Schmidt-Boelcke)
 

Ebbe Føge Bak (geb.: 1984) sammelt seit dem Anfang des 21. Jhts. unermüdlich CDs, DVDs und Schallplatten mit Rudolf Schock.

Er scheint mir für die 'Einsame Insel' wie geschaffen zu sein.
Sicher aber ist, dass er da dank der Insel-Diskothek jahrelang über insgesamt 160 Musik-Titel mit Rudolf Schock verfügen wird.
Es handelt sich dabei um:

* 128 Einzeltitel (darunter 7 Video-Registrationen und mehrere Titel in
    verschiedener Ausführung),

* 8 Liederzyklen und -kollektionen,
* 5 Operetten-Gesamtaufnahmen,
* 12 Opern-Gesamtaufnahmen.
Krijn de Lege, 28.1.2015

07.12.14

RUDOLF SCHOCK sings 'SILENT NIGHT, HOLY NIGHT'

Rudolf Schock sings 'Silent Night, Holy Night':


Since time immemorial I love the Christmas song 'Silent Night, Holy Night', and I think, in fact I am not the only person, who is in love. Every year again the song feels like a warm blanket in dark and mostly cold times: immediately the emotion at the prelude and the first four words.

"One upon a time..."
Preferably the genesis of 'Silent Night' is told us like a fairy tale of the Grimm brothers. In addition to that in different versions. Poetry and truth are closely interwoven. Certain is, that a lot of things about the song is uncertain. What is following now cannot be more than roughly an attempt to a recapitulation (thanks to www.stillenacht.at).

Joseph Mohr

Josef Mohr (reconstruction)

















is born in Salzburg in 1792. As a child of an unmarried mother he grows up in very poor circumstances. His father (Franz Moor) was a soldier, who left the army and his girlfriend prematurely.
The church takes charge of the boy and offers him the facilities to become a priest (1815). In 1816 Joseph writes a poem titled 'Silent Night, Holy Night'. From 1817 until 1819 he is working in the parish church of Oberndorf. In that church he meets Franz Gruber, who is standing in for the church organist.

In the little Austrian village of Oberndorf something happens, what cannot be exactly found out:
On a day in 1818 Mohr shows Gruber his poem 'Silent Night'. Gruber promises to set the text on music at home in Arnsdorf.

The school of Arnsdorf, where Franz Gruber set
Joseph Mohr's poem on music













Mohr agrees with the - according to Gruber - "simple composition".
Still in 1818 Gruber and Mohr include the "Tyrolean folk song" in the Christmas mass of Oberndorf.
It is written for two voices, chorus and guitar (and the story is, that the church organ would have broken down). Joseph Mohr sings the tenor part and plays the guitar. Gruber sings bass. Probably he also conducts the church choir.

We know, Joseph Mohr was in the churches, where he worked, very popular under his parishioners. But the church superiors were rather critical on him: he would have neglected his priestly duties and established too close relations with female parishioners.
Mohr had not a good health. In 1848 he died after a long illnes.

Franz Gruber

Franz Gruber

















is born in 1787 in Hochburg-Ach, a settlement in upper Austria close to the German border.
Certainly in the beginning his life goes off more conventional than Mohr's life.
After some years in a weaving mill the twenty years old music lover becomes - being inspired by his own schoolmaster - in his turn a schoolmaster.
In addition to this position Gruber is able to do a lot of work in his village Arnsdorf as a church organist and choirmaster. Moreover he is standing in for the local organist in the bigger village Oberndorf. His ambition is to move from Arnsdorf to Oberndorf, but Gruber gains no access there to a permanent contract as a schoolmaster and church organist. That frustrates him very much.
Franz Gruber and Joseph Mohr worked together in Oberstdorf between 1817 and 1819 , and doing so they brought the world the heartfelt 'Silent Night'.
Franz Gruber died in 1863.

PR for 'Silent Night, Holy Night'















Text and music
Joseph Mohr's poem and Franz Gruber's composition consisted originally of eleven strophes. In the course of the following 200 years text and music changed, and the song was translated in all languages of the world. The translations had been rewritten again, so that another lot of variants are circulating now in each separate country all over the world.
People perform/sing generally 2, 3 or 4 strophes. The most beloved variants in the English and German language are:

English

Silent night, holy night
All is calm all is bright
'Round yon virgin Mother and Child
Holy infant so tender and mild
Sleep in heavenly peace
Sleep in heavenly peace

Silent night, holy night,
Shepherds quake at the sight.
Glories stream from heaven afar,
Heav'nly hosts sing Alleluia;
Christ the Savior is born
Christ the Savior is born

Silent night, holy night,
Son of God, love's pure light.
Radiant beams from Thy holy face,
With the dawn of redeeming grace,
Jesus, Lord, at Thy birth

Jesus, Lord, at Thy birth.






















German

Stille Nacht, heilige Nacht!
Alles schläft, einsam wacht
Nur das traute hochheilige Paar
Holder Knabe im lockigen Haar
Schlaf in himmlischer Ruh
Schlaf in himmlischer Ruh


Stille Nacht, heilige Nacht
Hirten erst kundgemacht
Durch der Engel Halleluja
Tönt es laut von fern und nah:
Christ, der Retter ist da!
Christ, der Retter ist da!


Stille Nacht, Heilige Nacht
Gottes Sohn, oh, wie lacht
Lieb' aus deinem göttlichen Mund
Da uns schlägt die rettende Stund
Christ, in Deiner Geburt

Christ, in Deiner Geburt.

















Rudolf Schock performs Christmas songs
and recorded them on 11 March 1964.

'Silent Night' is the last of nine traditional christmas songs on the LP 'Weihnachten mit Rudolf Schock' (Eurodisc 71 501 IK). Werner Eisbrenner, the arranger, deals with a continuous musical accompaniment.

One LP-side opens and ends with sounding church bells from Berlin (Grunewaldkirche), Minden, Salzburg and - at the end - the voice-over of Rudolf Schock wishes his listeners - in German of course - a "Merry Christmas".

















The other LP-side offers partially unexpected compositions: a.o. the 'Pastorale (Pifa)' from Händel's 'Messiah' (unexpected in Germany/Austria!), three Christmas songs of Peter Cornelius and the song 'Maria sitzt am Rosenhag (The Virgin's slumber song)' of Max Reger.
Conductor of the 'Berliner Symphoniker' is Günther Arndt. Arndt does not conduct his own 'Günther Arndt-Chor', but the 'RIAS Kammer- und Kinderchor'. Schock's singing is accompanied by Ivan Eröd in the Cornelius-songs at the piano and in the Bach-adaptation 'O Jesulein süss, o Jesulein mild' at the cembalo.
(In 1970 Rudolf Schock recorded another nine Christmas songs with Werner Eisbrenner, who this time arranged and conducted the songs. Some of them appeared now and then in LP-compilations).

The LP 'Weihnachten mit Rudolf Schock' transformed 1987 to CD. In 2014 the recording will also be half a century continuously on the market!
The order number of the CD is: SONY 258 455.


















(Comment on the Sony- and earlier BMG/Eurodisc-CD:
In the booklet we read, that de church bells sound again. But we don't hear them. Just like Eisbrenner's continuous musical accompaniment and Rudolf Schock's Christmas wish. Rudolf Schock died in 1986, one year before the publication of the CD. I can imagine, BMG/Eurodisc removed the wish out of respect).

**********

Rudolf Schock sings 'Stille Nacht, Heilige Nacht',
and he is doing this marvellous:

Rembrandt: Announcement to the Shepherds




















The three strophes are being performed in the most usual order in Germany (and in Great Britain too).
The RIAS Kammerchor produces in the first strophe a springy and driving legato.

Rudolf Schock begins his tenorsolo in the 2nd strophe softly, in
"Durch der Engel Halleluja" his voice lightens up brightly and still glows meaningful at the end.
Schock illutrates the announcement of the Angels to the shepherds within the limits of the little strophe as explicit and understandable as possible. With bravura: ardent and encouraging. This is the singer, we hear "clear, rich and commanding" in Händel's 'Messiah' and 'Ombra mai fu' (LINK: RUDOLF SCHOCK sings G.F. HÄNDEL).

During the 3rd strophe Schock and the choir are singing unisono. Only at the words of the first 'Christ in Deiner Geburt', in which the essence of Christianity lies, Schock's voice flames up once again, just for a moment. Then it becomes engrossed in the choir.

Rembrandt: The Holy Family


























Krijn de Lege, 7 December 2015/10.12.2016